Strafwetboek 2026
Boek II
Titel 8. Misdrijven tegen de Staat en zijn functionerenHoofdstuk 5. Misdrijven tegen de rechtsbedelingAfdeling 3. Belemmering van de uitvoering of niet-naleving van de rechterlijke beslissingOnderafdeling 4. Belemmering van de uitvoering of niet-naleving van een straf of een vrijheidsbenemende maatregel

Art. 686. Niet-naleving van een straf bestaande uit een verbod niveau 2

Niet-naleving van een straf bestaande uit een verbod is het opzettelijk overtreden van een van de volgende straffen:

1° het verbod om een activiteit die deel uitmaakt van het voorwerp uit te oefenen, bedoeld in artikel 57;

2° het beroepsverbod, bedoeld in artikel 48 of enig ander beroepsverbod dat op basis van dit wetboek kan worden opgelegd;

3° het verval van het recht tot sturen, bedoeld in artikel 49;

4° het verblijfs-, plaats- of contactverbod, bedoeld in artikel 50 of enig ander verblijfs-, plaats- of contactverbod dat op basis van dit wetboek kan worden opgelegd;

5° de sluiting van de inrichting, bedoeld in artikel 59.

Dit misdrijf wordt bestraft met een straf van niveau 2.

Wijzigingen volgens Justel

(1) <W 2026-03-16/08, art. 124, 005; Inwerkingtreding : 01-09-2026>

In het Strafwetboek van 1867

Oud art. 417/60 waarschijnlijk · 75%
De bijzondere strafbaarstelling is opgegaan in het algemene artikel 686 over niet-naleving van een straf bestaande uit een verbod, dat ook verboden dekt die op grond van andere bepalingen van het wetboek zijn opgelegd. De gevangenisstraf van een tot drie jaar met geldboete van duizend tot vijfduizend euro wordt een straf van niveau 2 en het opzet is nu uitdrukkelijk bestanddeel.

Niet-naleving van een straf bestaande uit een verbod

Niet-naleving van een straf bestaande uit een verbod is het overtreden van een van de volgende straffen:

1° de sluiting van de inrichting, zoals bedoeld in artikel 417/57;

2° het verblijfs-, plaats- of contactverbod, zoals bedoeld in artikel 417/58;

3° specifieke verboden en ontzettingen, zoals bedoeld in artikel 417/59.

Dit misdrijf wordt bestraft met gevangenisstraf van een jaar tot drie jaar en met geldboete van duizend euro tot vijfduizend euro of met een van die straffen alleen.

Oud art. 433quater/7 waarschijnlijk · 75%
De bijzondere strafbaarstelling is opgegaan in het algemene artikel 686, dat ook de verboden dekt die op grond van andere bepalingen van het wetboek zijn opgelegd. De gevangenisstraf van een tot drie jaar met geldboete van duizend tot vijfduizend euro wordt een straf van niveau 2 en de overtreding moet nu opzettelijk zijn.

Niet-naleving van een straf bestaande uit een verbod

Niet-naleving van een straf bestaande uit een verbod is het overtreden van een van de volgende straffen:

1° de sluiting van de inrichting, zoals bedoeld in artikel 433quater/5;

2° de specifieke verboden, zoals bedoeld in artikel 433quater/6.

Dit misdrijf wordt bestraft met gevangenisstraf van een jaar tot drie jaar en met geldboete van duizend euro tot vijfduizend euro of met een van die straffen alleen.

Oud art. 123nonies waarschijnlijk · 60%
De naoorlogse vervallenverklaring van artikel 123sexies keert niet terug, maar het miskennen van een opgelegd verbod valt voortaan onder de algemene strafbaarstelling van de niet-naleving van een straf bestaande uit een verbod in artikel 686.

Hij die, in weerwil van de vervallenverklaring die voortvloeit uit de toepassing van artikel 123sexies, § 1 of § 2, rechtstreeks of door een tussenpersoon gebruik maakt van een der in dat artikel genoemde rechten, wordt gestraft met gevangenisstraf van een jaar tot drie jaar en met geldboete van tienduizend euro tot honderdduizend euro.

Over deze mapping en de omzetting van straffen →

Strafniveau
2 · gevangenisstraf tot 3 jaar alle misdrijven van dit niveau
Verwijst naar
Art. 57 (boek I), Art. 48 (boek I), Art. 49 (boek I), Art. 50 (boek I), Art. 59 (boek I)
Justel-stand
2026-04-02 · officiële tekst op Justel
Inwerkingtreding
1 september 2026
Id
boek2-art-686

Fout gezien in dit artikel? Meld het.

Art. 685/2Art. 687