Strafwetboek 2026
Boek I
Hoofdstuk 5. Burgerrechtelijke bepalingen en beveiligingsmaatregelen

Art. 66. Burgerrechtelijke aansprakelijkheid voor de betaling van een vermogensstraf

Tekst volgens Justel, bijgewerkt tot 2 april 2026, op 12 oktober 2026 vergeleken met de bron.

Niemand kan burgerlijk aansprakelijk worden gesteld voor de betaling van de vermogensstraf waartoe een ander wordt veroordeeld.

In het Strafwetboek van 1867

Oud art. 50bis waarschijnlijk · 75%
Het verbod om een derde burgerrechtelijk aansprakelijk te stellen voor de geldboete van een ander is overgenomen in art. 66, nu algemeen geformuleerd voor de vermogensstraf.

Niemand kan burgerrechtelijk aansprakelijk worden gesteld voor betaling van geldboete waartoe een ander wordt veroordeeld, indien hij wegens dezelfde feiten wordt veroordeeld.

Overgangsblad: nieuwe en oude tekst voluit, om af te drukken →

Over deze mapping en de omzetting van straffen →

Justel-stand
2 april 2026 · officiële tekst op Justel
Inwerkingtreding
1 september 2026
Id
boek1-art-66

Niet-officiële tekst. Tekst volgens Justel, bijgewerkt tot 2 april 2026. De enige officiële versie is het Belgisch Staatsblad.

← Art. 65Art. 67 →