Strafwetboek 2026
Boek II
Titel 7. Economische misdrijvenHoofdstuk 1. Overtreding van de wetten op de loterijen en op de pandhuizen

Art. 534. Definitie van illegale loterij

Tekst volgens Justel, bijgewerkt tot 2 april 2026, op 12 oktober 2026 vergeleken met de bron. Laatst gewijzigd bij de wet van 16 maart 2026, volgens de noten van Justel.

Illegale loterij bestaat uit alle verrichtingen die het publiek aangeboden worden en die bestemd zijn om winst te verschaffen door middel van het lot en die niet zijn toegelaten door of krachtens de wet.

Oud Strafwetboek van 1867: art. 301 (koppeling zeker). Oude tekst: hetstrafwetboek.be/mapping

Wijzigingen volgens Justel

(1) <W 2026-03-16/08, art. 105, 005; Inwerkingtreding : 01-09-2026>

In het Strafwetboek van 1867

Oud art. 301 zeker · 90%
Artikel 534 neemt de definitie letterlijk over, maar voegt als bestanddeel toe dat de verrichting niet door of krachtens de wet is toegelaten, zodat de definitie meteen de illegale loterij afbakent.

Als loterijen worden beschouwd alle verrichtingen die het publiek aangeboden worden en die bestemd zijn om winst te verschaffen door middel van het lot.

Overgangsblad: nieuwe en oude tekst voluit, om af te drukken →

Over deze mapping en de omzetting van straffen →

Strafniveau
Dit artikel stelt zelf geen strafniveau: het is bijvoorbeeld een definitie, een verzwarende factor, een bijkomende straf of een verschoningsgrond. Het strafniveau staat bij het misdrijf waarop het artikel slaat.
Justel-stand
2 april 2026 · officiële tekst op Justel
Inwerkingtreding
1 september 2026
Id
boek2-art-534

Niet-officiële tekst. Tekst volgens Justel, bijgewerkt tot 2 april 2026. De enige officiële versie is het Belgisch Staatsblad.

← Art. 533Art. 535 →