Strafwetboek 2026
Boek II
Titel 3. Misdrijven tegen de persoonHoofdstuk 5. Misdrijven tegen de persoonlijke vrijheidAfdeling 3. Gijzeling

Art. 226. Gijzeling niveau 5

Tekst volgens Justel, bijgewerkt tot 2 april 2026, op 12 oktober 2026 vergeleken met de bron.

Gijzeling is de vrijheidsberoving of ontvoering gepleegd met het oogmerk het slachtoffer borg te doen staan voor de voldoening aan een bevel of voorwaarde.

Dit misdrijf wordt bestraft met een straf van niveau 5.

Oud Strafwetboek van 1867: art. 347bis (koppeling zeker). Oude tekst: hetstrafwetboek.be/mapping

In het Strafwetboek van 1867

Oud art. 347bis zeker · 85%
De gijzeling zelf, de omstandigheden minderjarig of kwetsbaar slachtoffer en foltering, het gevolg van de dood en de grond van vrijwillige vrijlating binnen vijf dagen zijn overgenomen in de artikelen 226-229. Het oude artikel stelde opsluiting van twintig tot dertig jaar, levenslange opsluiting in bepaalde gevallen en opsluiting van vijftien tot twintig jaar bij vrijwillige vrijlating; de nieuwe artikelen stellen niveau 5, niveau 6, niveau 7 bij de dood tot gevolg en bij vrijwillige vrijlating "het onmiddellijk lagere niveau".

§ 1. Gijzeling is de aanhouding, de gevangenhouding of de ontvoering van personen om deze borg te doen staan voor de voldoening aan een bevel of een voorwaarde, onder meer een misdaad of een wanbedrijf voor te bereiden of te vergemakkelijken, de vlucht, de ontvluchting van de daders van een misdaad of wanbedrijf of hun medeplichtigen in de hand te werken, hun vrijlating te verkrijgen of ze hun straf te doen ontgaan.

§ 2. Gijzeling wordt gestraft met opsluiting van twintig jaar tot dertig jaar.

De straf is levenslange opsluiting indien de gijzelaar een minderjarige is of een persoon van wie de kwetsbare toestand ten gevolge van de leeftijd, zwangerschap, een ziekte dan wel een lichamelijk of geestelijk gebrek of onvolwaardigheid duidelijk was of de dader bekend was.

§ 3. Behalve in de in § 4 bedoelde gevallen is de straf opsluiting van vijftien jaar tot twintig jaar tot twintig jaar indien binnen vijf dagen na de aanhouding, de gevangenhouding of de ontvoering, de gijzelaar vrijwillig wordt vrijgelaten zonder dat aan het bevel of aan de voorwaarde is voldaan.

§ 4. De straf is levenslange opsluiting in de volgende gevallen :

1° indien de aanhouding, de gevangenhouding of de ontvoering van de gijzelaar, hetzij een ongeneeslijk lijkende ziekte, hetzij ongeschiktheid tot het verrichten van persoonlijke arbeid van meer dan vier maanden, hetzij het volledige verlies van het gebruik van een orgaan, hetzij zware verminking, hetzij de dood ten gevolge heeft;

2° (indien de gijzelaars zijn onderworpen aan de handelingen bedoeld in artikel 417/2, eerste lid.)

Overgangsblad: nieuwe en oude tekst voluit, om af te drukken →

Over deze mapping en de omzetting van straffen →

Strafniveau
5 · gevangenisstraf van meer dan 10 jaar tot ten hoogste 15 jaar alle misdrijven van dit niveau
Justel-stand
2 april 2026 · officiële tekst op Justel
Inwerkingtreding
1 september 2026
Id
boek2-art-226

Niet-officiële tekst. Tekst volgens Justel, bijgewerkt tot 2 april 2026. De enige officiële versie is het Belgisch Staatsblad.

← Art. 225Art. 227 →