Strafwetboek 2026
Boek II
Titel 3. Misdrijven tegen de persoonHoofdstuk 4. Misdrijven tegen de fysieke of psychische integriteitAfdeling 1. Opzettelijke misdrijven tegen de fysieke of psychische integriteitOnderafdeling 2. Vrouwelijke genitale verminking

Art. 213. Bijkomende straf

Tekst volgens Justel, bijgewerkt tot 2 april 2026, op 12 oktober 2026 vergeleken met de bron.

Onverminderd de toepassing van de bepalingen van het Burgerlijk Wetboek kan de rechter de onwaardigheid om te erven uitspreken voor alle vormen van vrouwelijke genitale verminking bedoeld in deze onderafdeling, behoudens de vrouwelijke genitale verminking die de dood tot gevolg heeft gehad.

Strafniveau
Dit artikel stelt zelf geen strafniveau: het is bijvoorbeeld een definitie, een verzwarende factor, een bijkomende straf of een verschoningsgrond. Het strafniveau staat bij het misdrijf waarop het artikel slaat.
Justel-stand
2 april 2026 · officiële tekst op Justel
Inwerkingtreding
1 september 2026
Id
boek2-art-213

Niet-officiële tekst. Tekst volgens Justel, bijgewerkt tot 2 april 2026. De enige officiële versie is het Belgisch Staatsblad.

← Art. 212Art. 214 →