Strafwetboek 2026
Boek II
Titel 3. Misdrijven tegen de persoonHoofdstuk 4. Misdrijven tegen de fysieke of psychische integriteitAfdeling 1. Opzettelijke misdrijven tegen de fysieke of psychische integriteitOnderafdeling 1. Gewelddaden

Art. 202. Gewelddaden gepleegd op een persoon met een maatschappelijke functie niveau 5

Gewelddaden gepleegd op een persoon met een maatschappelijke functie worden, indien het misdrijf is gepleegd naar aanleiding van de uitoefening van deze functie, als volgt bestraft:

1° gewelddaden met een integriteitsaantasting van de eerste graad of zonder integriteitsaantasting tot gevolg worden bestraft met een straf van niveau 2;

2° gewelddaden met een integriteitsaantasting van de tweede graad tot gevolg worden bestraft met een straf van niveau 3;

3° gewelddaden met een integriteitsaantasting van de derde graad tot gevolg worden bestraft met een straf van niveau 4;

4° gewelddaden met de dood tot gevolg worden bestraft met een straf van niveau 5.

In het Strafwetboek van 1867

Oud art. 278 waarschijnlijk · 70%
De slagen aan parlementsleden, ministers, leden van het Grondwettelijk Hof, magistraten en officieren van de openbare macht zijn overgeheveld naar de gewelddaden gepleegd op een persoon met een maatschappelijke functie. De verzwaring wanneer de feiten in een wetgevende vergadering of op de terechtzitting worden gepleegd, komt terug als verzwarende factor bij dat hoofdstuk.

(Met gevangenisstraf van twee maanden tot twee jaar en met geldboete van vijftig euro tot vijfhonderd euro wordt gestraft hij die slagen toebrengt aan een lid van de Wetgevende Kamers in de uitoefening of ter gelegenheid van de uitoefening van zijn mandaat, aan een minister, (een lid van het Grondwettelijk Hof,) een magistraat of een officier van de openbare macht in actieve dienst, in de uitoefening of ter gelegenheid van de uitoefening van hun bediening.)

Indien de slagen worden toegebracht in de vergadering van een der Kamers of op de terechtzitting van een hof of een rechtbank, wordt de schuldige gestraft met gevangenisstraf van drie maanden tot drie jaar en met geldboete van tweehonderd euro tot duizend euro.

Oud art. 280 waarschijnlijk · 70%
De trapsgewijze strafverzwaringen voor doodslag, slagen, foltering en onmenselijke behandeling gepleegd op ambtsdragers zijn verdeeld over de misdrijven tegen de persoon, telkens in de variant gepleegd op een persoon met een maatschappelijke functie. De oude techniek van een lijst met per geval verhoogde straffen is daarmee verdwenen.

Indien de misdaad of het wanbedrijf is gepleegd op een ministerieel ambtenaar, een agent die drager is van het openbaar gezag of van de openbare macht of op enig ander persoon met een openbare hoedanigheid bekleed, in de uitvoering of in de uitoefening of naar aanleiding van de uitoefening van deze functie, zijn de straffen de volgende :

1° in de gevallen bedoeld in artikel 393, is de straf levenslange opsluiting;

1/1° in de gevallen bedoeld in artikel 398, eerste lid, zijn de straffen gevangenisstraf van een maand tot een jaar en geldboete van vijftig euro tot driehonderd euro;

2° in de gevallen bedoeld in artikel 398, tweede lid, zijn de straffen gevangenisstraf van twee maanden tot twee jaar en geldboete van vijftig euro tot driehonderd euro;

3° in de gevallen bedoeld in artikel 399, eerste lid, zijn de straffen gevangenisstraf van vier maanden tot vier jaar en geldboete van honderd euro tot vijfhonderd euro;

4° in de gevallen bedoeld in artikel 399, tweede lid, zijn de straffen gevangenisstraf van een jaar tot vijf jaar en geldboete van honderd euro tot vijfhonderd euro;

5° in de gevallen bedoeld in artikel 400, eerste lid, is de straf opsluiting van vijf jaar tot tien jaar;

6° in de gevallen bedoeld in artikel 400, tweede lid, is de straf opsluiting van tien jaar tot vijftien jaar;

7° in de gevallen bedoeld in artikel 401, eerste lid, is de straf opsluiting van tien jaar tot vijftien jaar;

8° in de gevallen bedoeld in artikel 401, tweede lid, is de straf opsluiting van vijftien jaar tot twintig jaar;

9° in de gevallen bedoeld in artikel 417/2, eerste lid, is de straf opsluiting van twintig tot dertig jaar;

10° in de gevallen bedoeld in artikel 417/3, eerste lid, is de straf opsluiting van vijftien tot twintig jaar.

Oud art. 279 waarschijnlijk · 65%
De verzwaring wegens bloedstorting, verwonding of ziekte gaat op in de gewelddaden gepleegd op een persoon met een maatschappelijke functie, waar de ernst van het letsel wordt uitgedrukt in de graden van integriteitsaantasting. Een afzonderlijk artikel voor letsel bij ambtsdragers bestaat niet meer.

Indien de toegebrachte slagen bloedstorting, verwonding of ziekte veroorzaken, wordt de schuldige veroordeeld tot gevangenisstraf van zes maanden tot vijf jaar en tot geldboete van tweehonderd euro tot vijftienhonderd euro.

Oud art. 410bis waarschijnlijk · 60%
De strafverhoging voor gewelddaden tegen chauffeurs, hulpverleners, zorgverleners en andere opgesomde beroepen is opgegaan in het misdrijf gewelddaden op een persoon met een maatschappelijke functie, met straffen van niveau 2 tot 5 naargelang het letsel, in plaats van de oude cascade van verdubbelde en verhoogde straffen. Of ook de schoolcontext met onderwijspersoneel volledig gedekt blijft, kan niet uit de beschikbare tekst van de definitie worden afgeleid.

Indien in de gevallen omschreven in de artikelen 398 tot 405, de misdaad of het wanbedrijf gepleegd wordt tegen een chauffeur, een begeleider, een controleur of een loketbediende van een uitbater van een netwerk voor openbaar vervoer, een personeelslid door de FOD Justitie tewerkgesteld in een penitentiaire inrichting, een personeelslid aangesteld voor het onthaal bij de politiediensten, een postbode, een brandweerman, een lid van de civiele bescherming, een persoon die een gezondheidszorgberoep uitoefent zoals bedoeld in de gecoördineerde wet van 10 mei 2015 betreffende de uitoefening van de gezondheidsberoepen, een lid van het personeel aangesteld voor het onthaal in de spoeddiensten van de verzorgingsinstellingen, een sociaal werker of een psycholoog van een openbare dienst, een VDAB-, FOREM-, ACTIRIS- en ADG-bemiddelaar, een lid van het openbaar centrum voor maatschappelijk welzijn, een erkend journalist, een advocaat, een notaris, een gerechtsdeurwaarder, in de uitoefening of naar aanleiding van de uitoefening van deze functie, zijn de straffen die welke bij het derde lid worden bepaald.

Indien de schuldige, die als leerling of student is ingeschreven in een onderwijsinstelling of er was ingeschreven tijdens de zes maanden die aan de feiten zijn voorafgegaan, of die vader, moeder of familielid van die leerling of student is, of enige andere persoon is die gezag heeft over die leerling of student of hem onder zijn bewaring heeft, de misdaad of het wanbedrijf heeft gepleegd tegen een lid van het personeel of van de directie van de onderwijsinstelling, tegen de personen die de opvang van leerlingen verzorgen in een medisch-pedagogisch Instituut dat door een gemeenschap wordt ingericht of gesubsidieerd, of tegen een externe actor die door de gemeenschapsoverheden belast is met het voorkomen en het oplossen van geweld op school, in de uitoefening van hun bediening zijn de straffen die welke bij het derde lid worden bepaald.

De straffen zijn de volgende :

1° in de in de artikelen 398, 399 en 405 bedoelde gevallen, wordt de in voornoemde artikelen bedoelde maximale gevangenisstraf verdubbeld met een maximum van vijf jaar;

2° in de in de artikelen 400, eerste lid, en 402 bedoelde gevallen is de straf opsluiting van vijf jaar tot tien jaar;

3° in de in de artikelen 400, tweede lid, 401, eerste lid, en 403 bedoelde gevallen is de straf opsluiting van tien jaar tot vijftien jaar;

4° in de in artikel 401, tweede lid, bedoelde gevallen is de straf opsluiting van vijftien jaar tot twintig jaar;

5° in de in artikel 404 bedoelde gevallen is de straf opsluiting van twintig jaar tot dertig jaar.

Oud art. 146 te controleren · 45%
Slagen aan een bedienaar van de eredienst met bloedstorting, verwonding of ziekte tot gevolg vallen voortaan onder de algemene gewelddaden met integriteitsaantasting van artikel 195, eventueel verzwaard omdat het slachtoffer een maatschappelijke functie uitoefent (artikel 202). De bescherming van de eredienst als zodanig staat in de artikelen 354 en 355.

Indien de slagen bloedstorting, verwonding of ziekte veroorzaken, wordt de schuldige gestraft met gevangenisstraf van zes maanden tot vijf jaar en met geldboete van honderd euro tot duizend euro.

Over deze mapping en de omzetting van straffen →

Strafniveau
2, 3, 4, 5 · gevangenisstraf van 10 tot 15 jaar alle misdrijven van dit niveau
Aangehaald in
Art. 353
Justel-stand
2026-04-02 · officiële tekst op Justel
Inwerkingtreding
1 september 2026
Id
boek2-art-202

Fout gezien in dit artikel? Meld het.

Art. 201Art. 203