Art. 629. Aanmatiging van macht door magistraten of leden van de politiediensten niveau 2
Tekst volgens Justel, bijgewerkt tot 2 april 2026, op 12 oktober 2026 vergeleken met de bron.
De aanmatiging van macht door magistraten of leden van de politiediensten is de opzettelijk gepleegde wederrechtelijke inmenging door een magistraat of een lid van een politiedienst in de uitoefening van de wetgevende macht, hetzij door wetten te maken of de uitvoering ervan te stuiten of te schorsen, en in de uitvoerende macht, hetzij door verordeningen te maken, hetzij door de uitvoering van de administratieve bevelen te verbieden.
Dit misdrijf wordt bestraft met een straf van niveau 2.
Wat dit strafniveau inhoudt (art. 36 van boek I)
De straf van niveau 2 bestaat uit een van de volgende straffen:
1° de gevangenisstraf van zes maanden tot ten hoogste drie jaar;
2° de behandeling onder vrijheidsberoving van zes maanden tot ten hoogste twee jaar;
3° de straf onder elektronisch toezicht van een maand tot ten hoogste een jaar;
4° de werkstraf van meer dan honderdtwintig uur tot ten hoogste driehonderd uur;
5° de probatiestraf van meer dan twaalf maanden tot ten hoogste twee jaar;
6° de veroordeling bij schuldigverklaring.
Bij aanneming van verzachtende omstandigheden wordt de straf van niveau 2 vervangen door een van de straffen van niveau 1.
Bijkomende straffen, verzachtende omstandigheden, herhaling en samenloop: zie art. 37 tot 65 van boek I.
Oud Strafwetboek van 1867: art. 237 (koppeling zeker). Oude tekst: hetstrafwetboek.be/mapping
In het Strafwetboek van 1867
Oud art. 237 zeker · 85%De inmenging van magistraten of leden van de gerechtelijke politie in de wetgevende of uitvoerende macht is overgenomen in art. 629 (niveau 2).
Met gevangenisstraf van een maand tot twee jaar en met geldboete van vijftig euro tot vijfhonderd euro worden gestraft, en tot ontzetting, voor een duur van vijf jaar tot tien jaar, van de rechten genoemd in de eerste drie nummers van artikel 31, eerste lid kunnen worden veroordeeld :
(De leden en leden-assessoren van de hoven en rechtbanken, officieren van de gerechtelijke politie), die zich in de uitoefening van de wetgevende macht inmengen, hetzij door verordeningen te maken die wetgevende bepalingen inhouden, hetzij door de uitvoering van een of meer wetten te stuiten of te schorsen, hetzij door te beraadslagen over de vraag of die wetten zullen worden uitgevoerd;
(De leden en leden-assessoren van de hoven en rechtbanken, officieren van de gerechtelijke politie), die hun macht overschrijden door zich in te mengen in zaken welke tot de bevoegdheid van de administratieve overheid behoren, hetzij door verordeningen betreffende die zaken te maken, hetzij door de uitvoering te verbieden van de bevelen die van het bestuur uitgaan.
Overgangsblad: nieuwe en oude tekst voluit, om af te drukken →
Niet-officiële tekst. Tekst volgens Justel, bijgewerkt tot 2 april 2026. De enige officiële versie is het Belgisch Staatsblad.