Art. 396. Onwettig optreden van een groep met militair voorkomen niveau 1
Tekst volgens Justel, bijgewerkt tot 2 april 2026, op 12 oktober 2026 vergeleken met de bron.
Onwettig optreden van een groep met militair voorkomen is het opzettelijk organiseren van of deelnemen aan het in het openbaar optreden van private personen in groep die, hetzij door de door hen gehouden oefeningen, hetzij door het uniform of de uitrustingsstukken die zij dragen het voorkomen van militaire troepen hebben.
Het eerste lid is van toepassing noch op groepen die uitsluitend een cultureel of liefdadig doel beogen, noch op oefeningen die uitsluitend uitgevoerd worden in het kader van een door de bevoegde overheid erkende sport, noch op vooraf aan de lokale overheden aangekondigde en wettig georganiseerde activiteiten die bestaan uit de reconstructie van historische gebeurtenissen, noch op in het kader van de wet van 2 oktober 2017 tot regeling van de private en bijzondere veiligheid daartoe erkende opleidingsinstellingen.
Dit misdrijf wordt bestraft met een straf van niveau 1.
Wat dit strafniveau inhoudt (art. 36 van boek I)
De straf van niveau 1 bestaat uit een van de volgende straffen:
1° de geldboete van 200 euro tot ten hoogste 20.000 euro;
2° de werkstraf van twintig uur tot ten hoogste honderdtwintig uur;
3° de probatiestraf van zes maanden tot ten hoogste twaalf maanden;
4° de verbeurdverklaring, met inbegrip van de verruimde verbeurdverklaring;
5° de geldstraf vastgesteld op basis van het verwachte of uit het misdrijf behaalde voordeel;
6° de veroordeling bij schuldigverklaring.
Wanneer de wet voorziet in een bijkomende straf voor een misdrijf dat wordt bestraft met een hoofdstraf van niveau 1, kan de rechter bij aanneming van verzachtende omstandigheden die bijkomende straf uitspreken in plaats van de hoofdstraf.
Bijkomende straffen, verzachtende omstandigheden, herhaling en samenloop: zie art. 37 tot 65 van boek I.
Niet-officiële tekst. Tekst volgens Justel, bijgewerkt tot 2 april 2026. De enige officiële versie is het Belgisch Staatsblad.