Art. 145. Incest niveau 6
Tekst volgens Justel, bijgewerkt tot 2 april 2026, op 12 oktober 2026 vergeleken met de bron.
Onder incest wordt begrepen de seksuele handelingen gepleegd ten nadele van een minderjarige door een bloedverwant of aanverwant in de rechte opgaande lijn, door een bloedverwant of aanverwant in de zijlijn tot de derde graad of ieder ander persoon die een soortgelijke positie heeft in het gezin van voornoemde personen.
Incest wordt als volgt bestraft:
- aantasting van de seksuele integriteit wordt bestraft met een straf van niveau 5;
- voyeurisme wordt bestraft met een straf van niveau 4;
- niet-consensuele verspreiding van seksueel getinte inhoud wordt bestraft met een straf van niveau 5;
- niet-consensuele verspreiding met kwaadwillig opzet of uit winstbejag van seksueel getinte inhoud wordt bestraft met een straf van niveau 5;
- verkrachting wordt bestraft met een straf van niveau 6.
Wat dit strafniveau inhoudt (art. 36 van boek I)
De straf van niveau 4 bestaat uit een gevangenisstraf van meer dan vijf jaar tot ten hoogste tien jaar of een behandeling onder vrijheidsberoving van meer dan vier jaar tot ten hoogste zes jaar. Bij aanneming van verzachtende omstandigheden wordt die straf vervangen door een van de straffen van niveau 3 of 2.
De straf van niveau 5 bestaat uit een gevangenisstraf van meer dan tien jaar tot ten hoogste vijftien jaar of een behandeling onder vrijheidsberoving van meer dan zes jaar tot ten hoogste elf jaar. Bij aanneming van verzachtende omstandigheden wordt die straf vervangen door een van de straffen van niveau 4, 3 of 2.
De straf van niveau 6 bestaat uit een gevangenisstraf van meer dan vijftien jaar tot ten hoogste twintig jaar of een behandeling onder vrijheidsberoving van meer dan elf jaar tot ten hoogste zestien jaar. Bij aanneming van verzachtende omstandigheden wordt die straf vervangen door een van de straffen van niveau 5, 4, 3 of 2.
Bijkomende straffen, verzachtende omstandigheden, herhaling en samenloop: zie art. 37 tot 65 van boek I.
Oud Strafwetboek van 1867: art. 417/18 (koppeling zeker). Oude tekst: hetstrafwetboek.be/mapping
In het Strafwetboek van 1867
Oud art. 417/18 zeker · 88%Zelfde incestregeling met dezelfde gedifferentieerde straffen naargelang het gronddelict, nu uitgedrukt in niveaus in plaats van opsluitingstermijnen.
Incest
Onder incest wordt begrepen de seksuele handelingen gepleegd ten nadele van een minderjarige door een bloedverwant of aanverwant in de rechte opgaande lijn, door een bloedverwant of aanverwant in de zijlijn tot de derde graad of ieder ander persoon die een soortgelijke positie heeft in het gezin van voornoemde personen.
Incest wordt als volgt bestraft:
- aantasting van de seksuele integriteit wordt bestraft met opsluiting van vijftien jaar tot twintig jaar;
- voyeurisme wordt bestraft met opsluiting van tien jaar tot vijtien jaar;
- niet-consensuele verspreiding van seksueel getinte inhoud wordt bestraft met opsluiting van vijftien jaar tot twintig jaar;
- niet-consensuele verspreiding met kwaadwillig opzet of uit winstbejag van seksueel getinte inhoud wordt bestraft met opsluiting van vijftien jaar tot twintig jaar en met geldboete van tweehonderd euro tot tienduizend euro;
- verkrachting wordt bestraft met opsluiting van twintig jaar tot dertig jaar.
Onder bloedverwant wordt ook de adoptant, de geadopteerde en de bloedverwanten van de adoptant begrepen.
Overgangsblad: nieuwe en oude tekst voluit, om af te drukken →
Niet-officiële tekst. Tekst volgens Justel, bijgewerkt tot 2 april 2026. De enige officiële versie is het Belgisch Staatsblad.