Art. 644. Weerspannigheid niveau 3
Tekst volgens Justel, bijgewerkt tot 2 april 2026, op 12 oktober 2026 vergeleken met de bron. Laatst gewijzigd bij de wet van 16 maart 2026, volgens de noten van Justel.
Weerspannigheid is het zich opzettelijk met geweld of bedreiging verzetten tegen of aanvallen van een persoon met een openbare functie die handelt ter uitvoering van de wetten, de bevelen of de beschikkingen van het openbaar gezag of van een rechterlijke beslissing, dan wel het plegen van deze feiten ten aanzien van iedere persoon die bijstand levert aan de uitoefening van deze functie.
Als de weerspannigheid gepleegd is zonder wapens, dan wordt het misdrijf bestraft met een straf van niveau 1. Als de weerspannigheid gepleegd is met wapens, dan wordt het misdrijf bestraft met een straf van niveau 2.
Indien de weerspannigheid een integriteitsaantasting van de tweede of de derde graad tot gevolg heeft, wordt het misdrijf bestraft met een straf van niveau 2 indien het gepleegd is zonder wapens of met een straf van niveau 3 indien het gepleegd is met wapens.
Wat dit strafniveau inhoudt (art. 36 van boek I)
De straf van niveau 1 bestaat uit een van de volgende straffen:
1° de geldboete van 200 euro tot ten hoogste 20.000 euro;
2° de werkstraf van twintig uur tot ten hoogste honderdtwintig uur;
3° de probatiestraf van zes maanden tot ten hoogste twaalf maanden;
4° de verbeurdverklaring, met inbegrip van de verruimde verbeurdverklaring;
5° de geldstraf vastgesteld op basis van het verwachte of uit het misdrijf behaalde voordeel;
6° de veroordeling bij schuldigverklaring.
Wanneer de wet voorziet in een bijkomende straf voor een misdrijf dat wordt bestraft met een hoofdstraf van niveau 1, kan de rechter bij aanneming van verzachtende omstandigheden die bijkomende straf uitspreken in plaats van de hoofdstraf.
De straf van niveau 2 bestaat uit een van de volgende straffen:
1° de gevangenisstraf van zes maanden tot ten hoogste drie jaar;
2° de behandeling onder vrijheidsberoving van zes maanden tot ten hoogste twee jaar;
3° de straf onder elektronisch toezicht van een maand tot ten hoogste een jaar;
4° de werkstraf van meer dan honderdtwintig uur tot ten hoogste driehonderd uur;
5° de probatiestraf van meer dan twaalf maanden tot ten hoogste twee jaar;
6° de veroordeling bij schuldigverklaring.
Bij aanneming van verzachtende omstandigheden wordt de straf van niveau 2 vervangen door een van de straffen van niveau 1.
De straf van niveau 3 bestaat uit een gevangenisstraf van meer dan drie jaar tot ten hoogste vijf jaar of een behandeling onder vrijheidsberoving van meer dan twee jaar tot ten hoogste vier jaar. Bij aanneming van verzachtende omstandigheden wordt die straf vervangen door een van de straffen van niveau 2 of 1.
Bijkomende straffen, verzachtende omstandigheden, herhaling en samenloop: zie art. 37 tot 65 van boek I.
Oud Strafwetboek van 1867: art. 269 (koppeling zeker). Oude tekst: hetstrafwetboek.be/mapping
Oud Strafwetboek van 1867: art. 271 (koppeling zeker). Oude tekst: hetstrafwetboek.be/mapping
Oud Strafwetboek van 1867: art. 271bis (koppeling zeker). Oude tekst: hetstrafwetboek.be/mapping
Wijzigingen volgens Justel
(1) <W 2026-03-16/08, art. 112, 005; Inwerkingtreding : 01-09-2026>
In het Strafwetboek van 1867
Oud art. 269 zeker · 90%De omschrijving van weerspannigheid keert terug in artikel 644, waarbij de lange opsomming van beschermde ambtenaren is vervangen door de ruimere categorie persoon met een openbare functie, uitgebreid tot wie bijstand levert bij die functie. De strafmaat staat nu in hetzelfde artikel, met niveau 1 zonder wapens en niveau 2 met wapens.
Weerspannigheid wordt genoemd elke aanval, elk verzet met geweld of bedreiging tegen ministeriële ambtenaren, veld- of boswachters, dragers of agenten van de openbare macht, personen aangesteld om taksen en belastingen te innen, brengers van dwangbevelen, aangestelden van de douane, gerechtelijke bewaarders, officieren of agenten van de administratieve of de gerechtelijke politie, wanneer zij handelen ter uitvoering van de wetten, van de bevelen of de beschikkingen van het openbaar gezag, van rechterlijke bevelen of van vonnissen.
Oud art. 271 zeker · 85%Artikel 644 neemt het onderscheid tussen gewapende en ongewapende weerspannigheid door één persoon over. Het oude artikel stelde gevangenisstraf van drie maanden tot twee jaar met wapens en van acht dagen tot zes maanden zonder wapens; artikel 644 stelt niveau 2 respectievelijk niveau 1. Nieuw is de aparte straf wanneer de weerspannigheid een integriteitsaantasting van de tweede of derde graad tot gevolg heeft.
Weerspannigheid, gepleegd door een enkel persoon voorzien van wapens, wordt gestraft met gevangenisstraf van drie maanden tot twee jaar; zonder wapens gepleegd, wordt zij gestraft met gevangenisstraf van acht dagen tot zes maanden.
Oud art. 271bis zeker · 85%De verzwaarde weerspannigheid door één persoon met lichamelijke gevolgen is opgenomen in het laatste lid van het basisartikel weerspannigheid: niveau 2 zonder wapens en niveau 3 met wapens. Het oude gevolgcriterium ziekte of ongeschiktheid tot werken is vervangen door een integriteitsaantasting van de tweede of de derde graad, tegenover de oude straffen van zes maanden tot drie jaar zonder wapen en drie tot vijf jaar met wapen.
Indien het feit een ziekte of ongeschiktheid tot het verrichten van persoonlijke arbeid tot gevolg heeft, wordt weerspannigheid, gepleegd door een enkele persoon met wapen, gestraft met gevangenisstraf van drie jaar tot vijf jaar, indien het zonder wapen is gepleegd, wordt het gestraft met een gevangenisstraf van zes maanden tot drie jaar.
Oud art. 274 waarschijnlijk · 60%De facultatieve bijkomende geldboete bij weerspannigheid bestaat niet meer als aparte regel, want de geldboete zit vervat in de strafniveaus van de weerspannigheid (art. 644) en de collectieve weerspannigheid (art. 645). De aparte vermelding van de hoofden en uitlokkers keert niet letterlijk terug; de weerspannigheid door twee of meer personen die zich daartoe verenigen is in art. 645 een eigen misdrijf van niveau 3, en de ontzetting van rechten is een algemene bijkomende straf van boek I geworden (art. 47).
In alle gevallen waarin gevangenisstraf wegens weerspannigheid wordt uitgesproken, kunnen de schuldigen bovendien worden veroordeeld tot geldboete van zesentwintig euro tot tweehonderd euro.
De hoofden van de weerspannigheid en zij die deze uitgelokt hebben, kunnen bovendien worden veroordeeld (...) tot ontzetting van rechten overeenkomstig artikel 33.
Overgangsblad: nieuwe en oude tekst voluit, om af te drukken →
Niet-officiële tekst. Tekst volgens Justel, bijgewerkt tot 2 april 2026. De enige officiële versie is het Belgisch Staatsblad.