Art. 498. Bedrieglijke verberging niveau 2
Bedrieglijke verberging is het zich met bedrieglijk opzet toe-eigenen, door verberging of overdracht, van een roerend goed dat aan een ander toebehoort en dat door de dader is gevonden of bij toeval in zijn bezit is gekomen, alsook het zich met bedrieglijk opzet meester maken van het geheel van een schat die men heeft ontdekt op andermans grond.
Dit misdrijf wordt bestraft met een straf van niveau 2.
Poging tot het in dit artikel bedoelde misdrijf is niet strafbaar.
In het Strafwetboek van 1867
Oud art. 508 zeker · 88%Het bedrieglijk verbergen of afgeven van een gevonden roerende zaak en het zich toe-eigenen van een ontdekte schat zijn ongewijzigd overgenomen in art. 498.
Met gevangenisstraf van acht dagen tot twee jaar en met geldboete van zesentwintig euro tot vijfhonderd euro worden gestraft :
Zij die een roerende zaak die aan een ander toebehoort en die zij hebben gevonden of die bij toeval in hun bezit is gekomen, bedrieglijk verbergen of aan derden afgeven;
Zij die zich een door hen ontdekte schat toeëigenen ten nadele van de personen aan wie de wet een deel daarvan toekent.