Strafwetboek 2026
Boek II
Titel 4. Misdrijven tegen de openbare veiligheidHoofdstuk 1. Terrorisme

Art. 386/1. De vervallenverklaring van de Belgische nationaliteit

Tekst volgens Justel, bijgewerkt tot 2 april 2026, op 12 oktober 2026 vergeleken met de bron. Ingevoegd bij de wet van 16 maart 2026, volgens de noten van Justel.

Bij een veroordeling, als dader of deelnemer, tot een gevangenisstraf van ten minste vijf jaar zonder uitstel, voor een misdrijf als bedoeld in dit hoofdstuk, spreekt de rechter zich ambtshalve uit over de vervallenverklaring van de Belgische nationaliteit van de belanghebbende, met inachtneming van de voorwaarden die vermeld zijn in artikel 23/2 van het Wetboek van de Belgische nationaliteit.

De rechter kan, bij een met bijzondere redenen omkleed vonnis, beslissen de vervallenverklaring van de Belgische nationaliteit niet uit te spreken indien de gevolgen daarvan kennelijk onredelijk en onevenredig zouden zijn.

Oud Strafwetboek van 1867: art. 141quater (koppeling zeker). Oude tekst: hetstrafwetboek.be/mapping

Wijzigingen volgens Justel

(1) <Ingevoegd bij W 2026-03-16/08, art. 75, 005; Inwerkingtreding : 01-09-2026>

In het Strafwetboek van 1867

Oud art. 141quater zeker · 90%
De bepaling is een vrijwel letterlijke overname van oud artikel 141quater over de ambtshalve uitspraak over de vervallenverklaring van de Belgische nationaliteit na een veroordeling van ten minste vijf jaar zonder uitstel voor een terroristisch misdrijf. Enkel de terminologie is aangepast, met deelnemer in plaats van mededader of medeplichtige en met een verwijzing naar het hoofdstuk in plaats van de titel.

quater. Bij een veroordeling, als dader, mededader of medeplichtige, tot een gevangenisstraf van ten minste vijf jaar zonder uitstel, voor een misdrijf als bedoeld in deze titel, spreekt de rechter zich ambtshalve uit over de vervallenverklaring van de Belgische nationaliteit van de belanghebbende, met inachtneming van de voorwaarden die vermeld zijn in artikel 23/2 van het Wetboek van de Belgische nationaliteit.

De rechter kan, bij een met bijzondere redenen omkleed vonnis, beslissen de vervallenverklaring van de Belgische nationaliteit niet uit te spreken indien de gevolgen daarvan kennelijk onredelijk en onevenredig zouden zijn.

Overgangsblad: nieuwe en oude tekst voluit, om af te drukken →

Over deze mapping en de omzetting van straffen →

Strafniveau
Dit artikel stelt zelf geen strafniveau: het is bijvoorbeeld een definitie, een verzwarende factor, een bijkomende straf of een verschoningsgrond. Het strafniveau staat bij het misdrijf waarop het artikel slaat.
Justel-stand
2 april 2026 · officiële tekst op Justel
Inwerkingtreding
1 september 2026
Id
boek2-art-386-1

Niet-officiële tekst. Tekst volgens Justel, bijgewerkt tot 2 april 2026. De enige officiële versie is het Belgisch Staatsblad.

← Art. 386Art. 387 →