Art. 331. Verzwarende factoren
Bij de keuze van de straf of de maatregel en de zwaarte ervan neemt de rechter voor de verlating van personen in overweging dat:
1° het slachtoffer de vader, moeder of andere bloedverwant in de rechte opgaande lijn is van de dader;
2° de dader de vader, de moeder of andere bloedverwant in de rechte opgaande lijn is van het slachtoffer, dan wel de partner is van het slachtoffer, het gezag over het slachtoffer heeft of er de bewaring van heeft.
In het Strafwetboek van 1867
Oud art. 427 waarschijnlijk · 70%De gemeenschappelijke verzwaringsregel voor familiale daders of slachtoffers is opgesplitst in twee afzonderlijke verzwarende-factorenartikelen: één voor verlating (art. 331) en één voor onthouding van voedsel/nalaten van onderhoud (art. 338).
In de gevallen omschreven in de artikelen 423, 425 en 426, wordt de minimumstraf gesteld in die artikelen verdubbeld in geval van gevangenisstraf en met twee jaar verhoogd in geval van opsluiting indien de schuldige de daden tegen zijn vader, moeder, adoptanten of andere bloedverwanten in de opgaande lijn heeft gepleegd.
Hetzelfde geldt indien de schuldige, de vader, de moeder of de adoptant is van het slachtoffer dan wel elke andere persoon die gezag over het slachtoffer heeft of de bewaring ervan heeft.
Daarenboven kan de in artikel 33 bepaalde straf worden toegepast.