Art. 284. Verzwaard faciliteren of verspreiden van illegale praktijken en aanbieden of aanvaarden van een onterecht voordeel in het kader van de handel in menselijke organen niveau 5
§ 1. Het faciliteren of verspreiden van illegale praktijken en het aanbieden of aanvaarden van een onterecht voordeel in het kader van de handel in menselijke organen worden bestraft met een straf van niveau 4 wanneer:
1° het misdrijf is gepleegd op een minderjarige of persoon in een kwetsbare toestand;
2° het misdrijf is gepleegd door een persoon die misbruik heeft gemaakt van het gezag of de faciliteiten die zijn functies hem verlenen;
3° het leven van het slachtoffer opzettelijk of door grove nalatigheid in gevaar is gebracht;
4° het misdrijf de lichamelijke of geestelijke gezondheid van het slachtoffer ernstig heeft aangetast;
5° van de betrokken activiteit een gewoonte wordt gemaakt;
6° het een daad van deelneming aan de hoofd- of bijkomende bedrijvigheid van een vereniging betreft, ongeacht of de schuldige de hoedanigheid van leidend persoon heeft of niet;
7° de dader reeds werd veroordeeld voor een in deze afdeling bedoeld misdrijf, onder voorbehoud van de toepassing van artikel 60;
8° het misdrijf werd gepleegd vanuit een discriminerende drijfveer.
Voor de toepassing van het eerste lid, 7°, kan rekening worden gehouden met de veroordeling uitgesproken door een strafgerecht van een andere Staat die Partij is bij het Verdrag van de Raad van Europa tegen de handel in menselijke organen, voor een van de feiten die strafbaar zijn gesteld overeenkomstig dat Verdrag, voor zover de dader niet op minder gunstige wijze wordt behandeld dan indien de vroegere veroordeling was uitgesproken door een Belgisch gerecht.
§ 2. Deze misdrijven worden bestraft met een straf van niveau 5 wanneer:
1° het misdrijf de dood van het slachtoffer heeft veroorzaakt zonder dat het misdrijf werd gepleegd met het oogmerk te doden;
2° het een daad van deelneming aan de hoofd- of bijkomende bedrijvigheid van een criminele organisatie betreft, ongeacht of de schuldige de hoedanigheid van leidend persoon heeft of niet.
Wijzigingen volgens Justel
(1) <W 2026-03-16/08, art. 56, 005; Inwerkingtreding : 01-09-2026>
In het Strafwetboek van 1867
Oud art. 433novies/9 zeker · 85%De lijst van verzwarende omstandigheden is gesplitst over artikel 280 voor het illegaal wegnemen, transplanteren, gebruiken, beheren en ronselen en artikel 284 voor het faciliteren en het aanbieden of aanvaarden van een voordeel. De opsluiting van tien tot vijftien jaar wordt niveau 5 en die van vijf tot tien jaar niveau 4, en er komt een verzwarende omstandigheid wegens discriminerende drijfveer bij.
De straffen zullen worden vastgesteld als bepaald bij het derde en vierde lid:
1° ingeval het misdrijf is gepleegd ten opzichte van een minderjarige of enige andere bijzonder kwetsbare persoon;
2° ingeval het is gepleegd door een persoon die misbruik heeft gemaakt van het gezag of de faciliteiten die zijn functies hem verlenen;
3° ingeval het leven van het slachtoffer opzettelijk of door grove nalatigheid in gevaar is gebracht;
4° ingeval het misdrijf de lichamelijke of geestelijke gezondheid van het slachtoffer ernstig heeft aangetast;
5° ingeval van de betrokken activiteit een gewoonte wordt gemaakt;
6° ingeval het een daad van deelneming aan de hoofd- of bijkomende bedrijvigheid van een vereniging betreft, ongeacht of de schuldige de hoedanigheid van leidend persoon heeft of niet;
7° ingeval de dader reeds werd veroordeeld voor een in dit Hoofdstuk bedoeld misdrijf, onder voorbehoud van de toepassing van Hoofdstuk V van Boek I van het Strafwetboek.
Voor de toepassing van het eerste lid, 7°, kan rekening worden gehouden met de veroordeling uitgesproken door een strafgerecht van een andere Staat die Partij is bij het Verdrag van de Raad van Europa tegen de handel in menselijke organen, voor een van de feiten die strafbaar zijn gesteld overeenkomstig dat Verdrag, voor zover de dader niet op minder gunstige wijze wordt behandeld dan indien de vroegere veroordeling was uitgesproken door een Belgisch gerecht.
In de gevallen bedoeld in de artikelen 433novies/2 tot 433novies/5 zijn de straffen opsluiting van tien jaar tot vijftien jaar en geldboete van duizend euro tot honderdduizend euro.
In de gevallen bedoeld in de artikelen 433novies/6 en 433novies/8 zijn de straffen opsluiting van vijf jaar tot tien jaar en geldboete van zevenhonderdvijftig euro tot vijfenzeventigduizend euro.
Oud art. 433novies/10 waarschijnlijk · 60%De verzwarende omstandigheden en de bijhorende strafmaten voor de handel in menselijke organen zijn verdeeld over de verzwaarde varianten van de nieuwe orgaanhandelmisdrijven, die onder meer de dood van het slachtoffer en de deelneming aan een criminele organisatie of vereniging als verzwaring hernemen. De oude verwijzende structuur met exacte strafmaten is daarbij vervangen door strafniveaus.
De straffen zullen worden vastgesteld als bepaald bij het tweede en derde lid:
1° ingeval het misdrijf de dood van het slachtoffer heeft veroorzaakt;
2° ingeval het een daad van deelneming aan de hoofd- of bijkomende bedrijvigheid van een criminele organisatie betreft, ongeacht of de schuldige de hoedanigheid van leidend persoon heeft of niet.
De misdrijven bedoeld in de artikelen 433novies/2 tot 433novies/5 worden gestraft met opsluiting van vijftien jaar tot twintig jaar en met geldboete van duizend euro tot honderdvijftigduizend euro.
De misdrijven bedoeld in de artikelen 433novies/6 en 433novies/8 worden gestraft met opsluiting van tien jaar tot vijftien jaar en met geldboete van duizend euro tot honderdduizend euro.