Strafwetboek 2026
Boek II
Titel 3. Misdrijven tegen de persoonHoofdstuk 3. Misdrijven tegen de seksuele integriteit, het seksueel zelfbeschikkingsrecht en de goede zedenAfdeling 1. Aantasting van de seksuele integriteit, voyeurisme, niet-consensuele verspreiding van seksueel getinte inhoud en verkrachtingOnderafdeling 4. Algemene bepaling

Art. 150. Verzwarende factoren

Bij de keuze van de straf of de maatregel en de zwaarte ervan voor feiten die niet-consensuele seksuele handelingen uitmaken, neemt de rechter in overweging het feit dat:

- de dader een bloedverwant in de rechte opgaande of neerdalende of in de zijlijn tot de derde graad is van het slachtoffer, dan wel een aanverwant in de rechte lijn of in de zijlijn tot de derde graad, dat hij gezag heeft over het slachtoffer, hem onder zijn bewaring heeft of occasioneel of gewoonlijk met het slachtoffer samenwoont of heeft samengewoond;

- het misdrijf werd gepleegd door een persoon met een openbare functie in het kader van de uitoefening van deze functie;

- het misdrijf werd gepleegd door een arts of een andere gezondheidswerker in het kader van de uitoefening van zijn functie;

- het misdrijf werd gepleegd op een minderjarige beneden de volle leeftijd van tien jaar;

- het misdrijf werd gepleegd op een minderjarige beneden de volle leeftijd van zestien jaar en is voorafgegaan door een benadering van deze minderjarige vanwege de dader met het oogmerk op een later tijdstip de in deze afdeling bepaalde feiten te plegen;

- het misdrijf werd gepleegd in het bijzijn van een minderjarige;

- het misdrijf werd gepleegd omwille van culturele drijfveren, gewoontes, tradities, religie of de zogenaamde "eer".

Wijzigingen volgens Justel

(1) <W 2026-03-16/08, art. 33, 005; Inwerkingtreding : 01-09-2026>

In het Strafwetboek van 1867

Oud art. 417/23 zeker · 93%
Dezelfde lijst van verzwarende factoren bij niet-consensuele seksuele handelingen, met dezelfde werking als factor bij de straftoemeting. De kring van verwanten is licht verruimd tot bloedverwanten in de rechte opgaande of neerdalende lijn.

Verzwarende factoren

Bij de keuze van de straf of de maatregel en de zwaarte ervan voor feiten die niet-consensuele seksuele handelingen uitmaken, houdt de rechter in het bijzonder rekening met het feit dat:

- de dader een bloedverwant in de zijlijn tot de derde graad is van het slachtoffer, dan wel een aanverwant in de rechte lijn of in de zijlijn tot de derde graad, dat hij gezag heeft over het slachtoffer, hem onder zijn bewaring heeft of occasioneel of gewoonlijk met het slachtoffer samenwoont of heeft samengewoond;

- het misdrijf werd gepleegd door een persoon met een openbare functie in het kader van de uitoefening van deze functie;

- het misdrijf werd gepleegd door een arts of een andere gezondheidswerker in de uitoefening van zijn functie;

- het misdrijf werd gepleegd op een minderjarige beneden de volle leeftijd van tien jaar;

- het misdrijf werd gepleegd op een minderjarige beneden de volle leeftijd van zestien jaar en is voorafgegaan door een benadering van deze minderjarige vanwege de dader met het oogmerk op een later tijdstip de in deze afdeling bepaalde feiten te plegen;

- het misdrijf werd gepleegd in aanwezigheid van een minderjarige;

- het misdrijf werd gepleegd omwille van culturele drijfveren, gewoontes, tradities, religie of de zogenaamde "eer".

Over deze mapping en de omzetting van straffen →

Justel-stand
2026-04-02 · officiële tekst op Justel
Inwerkingtreding
1 september 2026
Id
boek2-art-150

Fout gezien in dit artikel? Meld het.

Art. 149Art. 150/1