Art. 9. Strafbare poging
Tekst volgens Justel, bijgewerkt tot 2 april 2026, op 12 oktober 2026 vergeleken met de bron.
§ 1. De poging tot misdrijf is strafbaar wanneer het crimineel voornemen van de dader zich door een begin van uitvoering heeft geopenbaard.
Wie terugtreedt wegens omstandigheden afhankelijk van zijn wil, is niet strafbaar. De vrijwillige terugtred werkt enkel door naar de deelnemer indien wat hem betreft aan de toepassingsvoorwaarden is voldaan.
De poging is altijd strafbaar voor de opzettelijke misdrijven.
De strafbare poging wordt bestraft met een straf van het onmiddellijk lagere strafniveau dan datgene gesteld op het voltooide misdrijf.
De strafbare poging van een misdrijf waarop in de wet op het voltooide misdrijf een straf van niveau 1 is gesteld, wordt bestraft met dezelfde straf of, wanneer de wet voorziet in een bijkomende straf en de rechter oordeelt dat dit een gepaste straf is, met een bijkomende straf die wordt uitgesproken in plaats van de hoofdstraf.
§ 2. Wordt bestraft met een straf die twee niveaus lager is dan het niveau gesteld op het voltooid misdrijf, de persoon die op vasthoudende en zekere wijze voorstelt, aanbiedt of aanzet een misdrijf te plegen waarop in de wet een straf van niveau 5 of hoger is gesteld en hij die een dergelijk voorstel, aanbod of aanzetting heeft aanvaard, terwijl dit geen uitwerking heeft gehad wegens omstandigheden onafhankelijk van zijn wil.
Oud Strafwetboek van 1867: art. 51 (koppeling zeker). Oude tekst: hetstrafwetboek.be/mapping
In het Strafwetboek van 1867
Oud art. 51 zeker · 85%De definitie van strafbare poging (begin van uitvoering dat staakt of mislukt door omstandigheden onafhankelijk van de wil van de dader) is inhoudelijk overgenomen in art. 9 §1.
Strafbare poging bestaat, wanneer het voornemen om een misdaad of een wanbedrijf te plegen zich heeft geopenbaard door uitwendige daden die een begin van uitvoering van die misdaad of van dat wanbedrijf uitmaken en alleen ten gevolge van omstandigheden, van de wil van de dader onafhankelijk, zijn gestaakt of hun uitwerking hebben gemist.
Oud art. 441 waarschijnlijk · 75%De specifieke strafbaarstelling van poging tot dit wanbedrijf is opgegaan in de algemene pogingsregeling van art. 9, die de poging bestraft met het onmiddellijk lagere strafniveau dan dat van het voltooide misdrijf; het oude artikel stelde gevangenisstraf van een maand tot een jaar en geldboete.
Poging tot het in vorig artikel omschreven wanbedrijf wordt gestraft met gevangenisstraf van een maand tot een jaar en met geldboete van vijftig euro tot driehonderd euro.
Oud art. 466 waarschijnlijk · 75%De eigen strafbepaling voor poging tot diefstal (gevangenisstraf van acht dagen tot drie jaar en geldboete) verdwijnt. De poging wordt voortaan volledig beheerst door de algemene regeling van de strafbare poging in artikel 9 van boek I, met "het onmiddellijk lagere strafniveau".
Poging tot een van de diefstallen, in de vorige artikelen vermeld, wordt gestraft met gevangenisstraf van acht dagen tot drie jaar en met geldboete van zesentwintig euro tot driehonderd euro.
Oud art. 514 waarschijnlijk · 75%De eigen strafmaat voor poging tot brandstichting, gevangenisstraf van twee maanden tot twee jaar en geldboete, is vervangen door de algemene regeling van de strafbare poging van artikel 9 van boek I, die de poging bestraft met het onmiddellijk lagere strafniveau dan dat van het voltooide misdrijf.
Wanneer op brandstichting gevangenisstraf gesteld is, wordt de poging tot brandstichting gestraft met gevangenisstraf van twee maanden tot twee jaar en met geldboete van zesentwintig euro tot tweehonderd euro.
Oud art. 52 waarschijnlijk · 70%De regel voor de bestraffing van de poging is behouden in art. 9, § 1: de strafbare poging wordt bestraft met "een straf van het onmiddellijk lagere strafniveau dan datgene gesteld op het voltooide misdrijf". De aparte regel van het oude artikel voor misdaden strafbaar met levenslange opsluiting of levenslange hechtenis (twintig tot dertig jaar) keert niet terug; het niveausysteem geldt voor alle misdrijven.
Poging tot misdaad wordt gestraft met de straf die, overeenkomstig de artikelen 80 en 81, onmiddellijk lager is dan die gesteld op de misdaad zelf.
De pogingen tot misdaden die strafbaar zijn met levenslange opsluiting of levenslange hechtenis worden echter respectievelijk gestraft met twintig jaar tot dertig jaar opsluiting of met twintig jaar tot dertig jaar hechtenis.
Oud art. 53 waarschijnlijk · 50%Het oude recht vereiste een uitdrukkelijke wetsbepaling om poging tot wanbedrijf strafbaar te maken; art. 9 §1 stelt nu dat poging voor alle opzettelijke misdrijven steeds strafbaar is, wat een inhoudelijke verruiming is ten opzichte van de oude regel.
De wet bepaalt in welke gevallen en met welke straffen poging tot wanbedrijf wordt gestraft.
Oud art. 135quinquies waarschijnlijk · 50%Deze specifieke pogingsbepaling bij de wanbedrijven van artikel 135quater is opgegaan in de algemene regeling van artikel 9, die de poging bij opzettelijke misdrijven altijd strafbaar stelt. De oude gelijkstelling met de straf van het voltooide misdrijf is niet behouden: volgens artikel 9 wordt de poging bestraft met "het onmiddellijk lagere strafniveau" dan dat van het voltooide misdrijf.
De poging tot de wanbedrijven in artikel 135quater omschreven wordt gestraft met dezelfde straffen.
Oud art. 405 waarschijnlijk · 50%De specifieke strafbaarstelling van de poging om iemand schadelijke stoffen toe te dienen is niet langer als afzonderlijke bepaling nodig. De algemene pogingsregeling van artikel 9 (Boek I) maakt de poging strafbaar voor alle opzettelijke misdrijven en bestraft ze met het onmiddellijk lagere strafniveau dan dat van het voltooide misdrijf; het oude artikel stelde gevangenisstraf van een maand tot drie jaar en geldboete.
Poging om iemand stoffen als bedoeld in artikel 402 toe te dienen, zonder het oogmerk om te doden, wordt gestraft met gevangenisstraf van een maand tot drie jaar en met geldboete van zesentwintig euro tot driehonderd euro.
Overgangsblad: nieuwe en oude tekst voluit, om af te drukken →
Niet-officiële tekst. Tekst volgens Justel, bijgewerkt tot 2 april 2026. De enige officiële versie is het Belgisch Staatsblad.