Strafwetboek 2026
Boek II
Titel 3. Misdrijven tegen de persoonHoofdstuk 1. Misdrijven tegen het levenAfdeling 1. Doden met het oogmerk om te doden

Art. 98. Doodslag gepleegd in het kader van een ander misdrijf niveau 8

De doodslag gepleegd om het plegen van een ander misdrijf of de poging daartoe te vergemakkelijken of de straffeloosheid ervan te verzekeren, dan wel gepleegd als gevolg van de weerstand die werd geboden door het slachtoffer of een derde, wordt bestraft met een straf van niveau 8.

In het Strafwetboek van 1867

Oud art. 475 zeker · 85%
Doodslag om een ander misdrijf (diefstal/afpersing) te vergemakkelijken of straffeloos te maken is nagenoeg woordelijk hernomen in art. 98, bestraft met niveau 8 in plaats van levenslange opsluiting.

Doodslag, gepleegd om diefstal of afpersing te vergemakkelijken of om de straffeloosheid ervan te verzekeren, wordt gestraft met (levenslange opsluiting).

Oud art. 532 zeker · 80%
De specifieke figuur van doodslag om vernieling te vergemakkelijken of straffeloosheid te verzekeren is opgegaan in het algemene art. 98 (doodslag om een ander misdrijf te vergemakkelijken of de straffeloosheid ervan te verzekeren), bestraft met niveau 8, vergelijkbaar met de vroegere levenslange opsluiting.

Doodslag gepleegd om de vernieling of de beschadiging te vergemakkelijken of om de straffeloosheid ervan te verzekeren, wordt gestraft met (levenslange opsluiting).

Over deze mapping en de omzetting van straffen →

Strafniveau
8 · levenslange gevangenisstraf alle misdrijven van dit niveau
Justel-stand
2026-04-02 · officiële tekst op Justel
Inwerkingtreding
1 september 2026
Id
boek2-art-98

Fout gezien in dit artikel? Meld het.

Art. 97Art. 99