Art. 684. Ontsnapping van gevangenen niveau 2
Tekst volgens Justel, bijgewerkt tot 2 april 2026, op 12 oktober 2026 vergeleken met de bron. Laatst gewijzigd bij de wet van 19 december 2025, volgens de noten van Justel.
Ontsnapping van gevangenen is het zich opzettelijk onttrekken door een persoon:
1° aan de voorlopige hechtenis, de gevangenisstraf of de hem in het kader van een strafrechtelijke procedure opgelegde vrijheidsberovende maatregel door te ontsnappen uit een gevangenis, een inrichting waar een geïnterneerde persoon geplaatst is, een gerechtsgebouw, een politiecommissariaat, een ziekenhuis, een voertuig van de politie of enige andere plaats waar hij onder bewaking of toezicht staat van een personeelslid van de geïntegreerde politie belast met bewakings- of beveiligingstaken, met inbegrip van de beveiligingsagenten en de beveiligingsassistenten van politie van de Directie Beveiliging;
2° aan de controle door elektronische middelen, opgelegd ter uitvoering van een gerechtelijke beslissing bedoeld in de bepaling onder 1°.
Dit misdrijf wordt bestraft met een straf van niveau 2.
Wat dit strafniveau inhoudt (art. 36 van boek I)
De straf van niveau 2 bestaat uit een van de volgende straffen:
1° de gevangenisstraf van zes maanden tot ten hoogste drie jaar;
2° de behandeling onder vrijheidsberoving van zes maanden tot ten hoogste twee jaar;
3° de straf onder elektronisch toezicht van een maand tot ten hoogste een jaar;
4° de werkstraf van meer dan honderdtwintig uur tot ten hoogste driehonderd uur;
5° de probatiestraf van meer dan twaalf maanden tot ten hoogste twee jaar;
6° de veroordeling bij schuldigverklaring.
Bij aanneming van verzachtende omstandigheden wordt de straf van niveau 2 vervangen door een van de straffen van niveau 1.
Bijkomende straffen, verzachtende omstandigheden, herhaling en samenloop: zie art. 37 tot 65 van boek I.
Oud Strafwetboek van 1867: art. 332 (koppeling zeker). Oude tekst: hetstrafwetboek.be/mapping
Wijzigingen volgens Justel
(1) <W 2025-12-19/73, art. 11, 002; Inwerkingtreding : 16-01-2026>
In het Strafwetboek van 1867
Oud art. 332 zeker · 80%De basisvorm van ontsnapping is overgenomen in art. 684; de verzwaarde vorm met geweld of bedreiging (§2 van het oude artikel) wordt geregeld in een apart artikel dat niet tot de kandidaten van dit item behoort.
§ 1. Met gevangenisstraf van zes maanden tot drie jaar wordt gestraft hij die zich opzettelijk onttrekt:
1° aan de voorlopige hechtenis, de gevangenisstraf of de hem in het kader van een strafrechtelijke procedure opgelegde vrijheidsberovende maatregel door te ontsnappen uit een gevangenis, een inrichting waar een geïnterneerde persoon geplaatst is, een gerechtsgebouw, een politiecommissariaat, een ziekenhuis, een voertuig van de politie of enige andere plaats waar hij onder bewaking of toezicht staat van een personeelslid van de geïntegreerde politie belast met bewakings- of beveiligingstaken, met inbegrip van de beveiligingsagenten en de beveiligingsassistenten van politie van de Directie Beveiliging;
2° aan de controle door elektronische middelen, opgelegd ter uitvoering van een gerechtelijke beslissing bedoeld in de bepaling onder 1°.
Poging tot het wanbedrijf, in het eerste lid omschreven, wordt gestraft met gevangenisstraf van acht dagen tot twaalf maanden.
§ 2. Indien het feit wordt gepleegd met geweld of bedreigingen, wordt het gestraft met gevangenisstraf van drie jaar tot vijf jaar.
Poging tot het wanbedrijf, in het eerste lid omschreven, wordt gestraft met gevangenisstraf van zes maanden tot drie jaar.
Overgangsblad: nieuwe en oude tekst voluit, om af te drukken →
Niet-officiële tekst. Tekst volgens Justel, bijgewerkt tot 2 april 2026. De enige officiële versie is het Belgisch Staatsblad.