Art. 607. Vernieling of brandstichting ter bevoordeling van de vijand niveau 8
Tekst volgens Justel, bijgewerkt tot 2 april 2026, op 12 oktober 2026 vergeleken met de bron.
Vernieling of brandstichting ter bevoordeling van de vijand is het plegen van een misdrijf zoals bedoeld in hoofdstuk 2 van titel 6 met het oogmerk hierdoor de vijand te bevoordelen.
Dit misdrijf wordt bestraft:
1° indien op dit misdrijf van hoofdstuk 2 van titel 6 een straf van niveau 1, 2, 3 is gesteld, wordt de straf vervangen door een straf van niveau 4;
2° indien op dit misdrijf van hoofdstuk 2 van titel 6 een straf van niveau 4 is gesteld, wordt de straf vervangen door een straf van niveau 5;
3° indien op dit misdrijf van hoofdstuk 2 van titel 6 een straf van niveau 5 is gesteld, wordt de straf vervangen door een straf van niveau 6;
4° indien op dit misdrijf van hoofdstuk 2 van titel 6 een straf van niveau 6 of 7 is gesteld, wordt de straf vervangen door een straf van niveau 8.
De poging tot het plegen van dit misdrijf wordt bestraft zoals het voltooid misdrijf.
Wat dit strafniveau inhoudt (art. 36 van boek I)
De straf van niveau 4 bestaat uit een gevangenisstraf van meer dan vijf jaar tot ten hoogste tien jaar of een behandeling onder vrijheidsberoving van meer dan vier jaar tot ten hoogste zes jaar. Bij aanneming van verzachtende omstandigheden wordt die straf vervangen door een van de straffen van niveau 3 of 2.
De straf van niveau 5 bestaat uit een gevangenisstraf van meer dan tien jaar tot ten hoogste vijftien jaar of een behandeling onder vrijheidsberoving van meer dan zes jaar tot ten hoogste elf jaar. Bij aanneming van verzachtende omstandigheden wordt die straf vervangen door een van de straffen van niveau 4, 3 of 2.
De straf van niveau 6 bestaat uit een gevangenisstraf van meer dan vijftien jaar tot ten hoogste twintig jaar of een behandeling onder vrijheidsberoving van meer dan elf jaar tot ten hoogste zestien jaar. Bij aanneming van verzachtende omstandigheden wordt die straf vervangen door een van de straffen van niveau 5, 4, 3 of 2.
De straf van niveau 8 bestaat uit levenslange gevangenisstraf of een behandeling onder vrijheidsberoving van meer dan achttien jaar tot ten hoogste twintig jaar. Bij aanneming van verzachtende omstandigheden wordt die straf vervangen door een van de straffen van niveau 7, 6, 5, 4 of 3.
Bijkomende straffen, verzachtende omstandigheden, herhaling en samenloop: zie art. 37 tot 65 van boek I.
Oud Strafwetboek van 1867: art. 122 (koppeling zeker). Oude tekst: hetstrafwetboek.be/mapping
In het Strafwetboek van 1867
Oud art. 122 zeker · 92%De verzwaring van brandstichting/vernieling ter bevoordeling van de vijand, inclusief de gelijkstelling van poging met voltooid misdrijf, is nagenoeg woordelijk overgenomen in art. 607.
Wanneer zaken in brand gestoken of door enigerlei middel vernield worden met het oogmerk de vijand te begunstigen, worden de straffen die bij Titel IX, Hoofdstuk III, op deze feiten gesteld zijn, vervangen als volgt :
gevangenisstraf door opsluiting van tien jaar tot vijftien jaar;
opsluiting van vijf jaar tot tien jaar door opsluiting van vijftien jaar tot twintig jaar;
opsluiting van tien jaar tot vijftien jaar door opsluiting van twintig jaar tot dertig jaar;
opsluiting van vijftien jaar en meer door levenslange opsluiting;
poging tot brandstichting of vernieling wordt beschouwd als zijnde de misdaad zelf.
Overgangsblad: nieuwe en oude tekst voluit, om af te drukken →
Niet-officiële tekst. Tekst volgens Justel, bijgewerkt tot 2 april 2026. De enige officiële versie is het Belgisch Staatsblad.