Strafwetboek 2026
Boek II
Titel 6. Misdrijven tegen het vermogenHoofdstuk 1. Misdrijven met betrekking tot de onrechtmatige toe-eigening van goederenAfdeling 2. BedrogOnderafdeling 6. Overige vormen van bedrog

Art. 500. Uitgifte van cheques zonder dekking niveau 1

Uitgifte van cheques zonder dekking is een van de volgende gedragingen:

1° het opzettelijk uitgeven van een cheque of enig andere titel die gelijkgesteld is met een cheque, zonder toereikende en beschikbare dekking;

2° het opzettelijk overdragen van een van deze titels, wetende dat de dekking niet toereikend en beschikbaar is;

3° het, na een van deze titels te hebben uitgegeven, opzettelijk geheel of gedeeltelijk afhalen van hun dekking in de loop van de aanbiedingstermijn;

4° het, na een van deze titels te hebben uitgegeven, met bedrieglijk opzet of met het oogmerk te schaden, geheel of ten dele onbeschikbaar maken of afhalen van de dekking.

Dit misdrijf wordt bestraft met een straf van niveau 1.

Poging tot het in dit artikel bedoelde misdrijf is niet strafbaar.

In het Strafwetboek van 1867

Oud art. 509bis zeker · 88%
De uitgifte van een postcheque of overschrijving zonder toereikende dekking, de overdracht ervan en het achteraf onbeschikbaar maken van de dekking, zijn nagenoeg woordelijk overgenomen in art. 500.

Met gevangenisstraf van een maand tot twee jaar en met geldboete van zesentwintig euro tot drieduizend euro wordt gestraft :

1° Hij die wetens en willens een postcheque of een postoverschrijving uitgeeft zonder toereikende, voorafgaande en beschikbare dekking;

2° Hij die een van deze titels overdraagt, wetende dat de dekking niet tevens toereikend en beschikbaar is;

3° Hij die na een van deze titels te hebben uitgegeven, wetens en willens hun dekking geheel of gedeeltelijk afhaalt binnen zes maanden na hun uitgifte;

4° Hij die, na een van deze titels te hebben uitgegeven, met bedrieglijk opzet of met het oogmerk om te schaden, de dekking geheel of ten dele onbeschikbaar maakt.

Oud art. 509 waarschijnlijk · 55%
Het bedrieglijk verkrijgen van gelden met een effect getrokken op een onbestaande of niet-gemachtigde betrokkene sluit inhoudelijk aan bij de uitgifte van titels zonder toereikende en beschikbare dekking; de gevangenisstraf van een maand tot twee jaar wordt een straf van niveau 1 en de regel dat de vervolging vervalt bij betaling of fondsvoorziening keert niet terug.

Met gevangenisstraf van een maand tot twee jaar en met geldboete van zesentwintig euro tot drieduizend euro wordt gestraft hij die zich gelden, waarden of schuldbevrijdingen bedrieglijk aanschaft door middel van een effect, getrokken op een persoon die niet bestaat of van wie hij weet dat hij zijn schuldenaar niet is of op de vervaldag niet zijn zal, en die hem niet heeft gemachtigd op hem te trekken.

De vervolging zal echter niet plaatshebben of zal worden gestaakt, indien het effect betaald is of indien fonds bezorgd is op het ogenblik dat het bedrog ontdekt wordt, tenzij de betrokkene klacht heeft gedaan.

In dat geval wordt de schuldige veroordeeld tot gevangenisstraf van vijftien dagen tot drie maanden en tot geldboete van zesentwintig euro tot driehonderd euro of tot een van die straffen alleen.

Over deze mapping en de omzetting van straffen →

Strafniveau
1 · geen gevangenisstraf alle misdrijven van dit niveau
Justel-stand
2026-04-02 · officiële tekst op Justel
Inwerkingtreding
1 september 2026
Id
boek2-art-500

Fout gezien in dit artikel? Meld het.

Art. 499Art. 501