Strafwetboek 2026
Boek II
Titel 6. Misdrijven tegen het vermogenHoofdstuk 1. Misdrijven met betrekking tot de onrechtmatige toe-eigening van goederenAfdeling 2. BedrogOnderafdeling 2. Oplichting en bedriegerij

Art. 483. Bedriegerij omtrent de huur van werk niveau 1

Tekst volgens Justel, bijgewerkt tot 2 april 2026, op 12 oktober 2026 vergeleken met de bron.

Bedriegerij omtrent de huur van werk is het met bedrieglijk opzet en door het aanwenden van listige kunstgrepen misleiden van de partijen verbonden door een contract van huur van werk, of een van hen, hetzij omtrent de hoeveelheid, hetzij omtrent de hoedanigheid van het geleverde werk indien in dit tweede geval de bepaling van de hoedanigheid van het werk moet dienen om het bedrag van het loon vast te stellen.

Dit misdrijf wordt bestraft met een straf van niveau 1.

Oud Strafwetboek van 1867: art. 499 (koppeling zeker). Oude tekst: hetstrafwetboek.be/mapping

In het Strafwetboek van 1867

Oud art. 499 zeker · 88%
Bedrog omtrent de hoeveelheid van verkochte zaken is opgenomen in art. 482 (derde streepje), en bedrog omtrent de huur van werk is afzonderlijk overgenomen in art. 483.

Tot gevangenisstraf van acht dagen tot een jaar en tot geldboete van zesentwintig euro tot duizend euro of tot een van die straffen alleen worden veroordeeld zij die door het aanwenden van listige kunstgrepen :

1° De koper of de verkoper omtrent de hoeveelheid van de verkochte zaken bedriegen;

2° De partijen, verbonden door een contract van huur van werk, of een van die partijen, bedriegen, hetzij omtrent de hoeveelheid, hetzij omtrent de hoedanigheid van het geleverde werk, wanneer in dit tweede geval de bepaling van de hoedanigheid van het werk moet dienen om het bedrag van het loon vast te stellen.

Oud art. 297 waarschijnlijk · 55%
De kern van bedrog omtrent hoeveelheid of hoedanigheid van werk en van verkochte of geleverde goederen is terug te vinden in de afzonderlijke misdrijven bedriegerij omtrent de huur van werk (art. 483) en bedriegerij omtrent het verkochte goed (art. 482). Het oude artikel stelde gevangenisstraf van zes maanden tot drie jaar en geldboete van honderd tot tienduizend euro; beide nieuwe artikelen stellen een straf van niveau 1.

Indien bedrog gepleegd wordt omtrent de aard, de hoedanigheid of de hoeveelheid van de werken of van de arbeid of van de geleverde zaken, worden de schuldigen gestraft met gevangenisstraf van zes maanden tot drie jaar en met geldboete van honderd euro tot tienduizend euro.

Zij kunnen bovendien worden veroordeeld tot ontzetting van rechten overeenkomstig artikel 33.

Overgangsblad: nieuwe en oude tekst voluit, om af te drukken →

Over deze mapping en de omzetting van straffen →

Strafniveau
1 · geen gevangenisstraf: geldboete, werkstraf, probatiestraf of een andere straf van niveau 1 alle misdrijven van dit niveau
Justel-stand
2 april 2026 · officiële tekst op Justel
Inwerkingtreding
1 september 2026
Id
boek2-art-483

Niet-officiële tekst. Tekst volgens Justel, bijgewerkt tot 2 april 2026. De enige officiële versie is het Belgisch Staatsblad.

← Art. 482Art. 484 →