Strafwetboek 2026
Boek II
Titel 3. Misdrijven tegen de persoonHoofdstuk 10. Misdrijven tegen de burgerlijke staat van personenAfdeling 1. Misdrijven met betrekking tot het bewijs van de burgerlijke staat van kinderen

Art. 361. Strafuitsluitende verschoningsgrond

De niet-kennisgeving van een vondeling wordt niet bestraft wanneer de persoon erin heeft toegestemd het kind te zijnen laste te nemen en dienaangaande een verklaring heeft afgelegd bij de gemeenteoverheid van de plaats waar het kind is gevonden.

Wijzigingen volgens Justel

(1) <W 2026-03-16/08, art. 67, 005; Inwerkingtreding : 01-09-2026>

In het Strafwetboek van 1867

Oud art. 362 zeker · 90%
De verplichting om een gevonden pasgeboren kind onmiddellijk aan te geven staat nu in artikel 360 met een straf van niveau 1, en de uitzondering voor wie het kind ten laste neemt en dat bij de gemeente verklaart, is verzelfstandigd als strafuitsluitende verschoningsgrond in artikel 361.

Met de straffen, bij het vorige artikel bedoeld, wordt gestraft hij die een pasgeboren kind heeft gevonden en hier niet onmiddellijk kennis van heeft gegeven aan de openbare hulpdiensten, zoals bij artikel 45 van het Burgerlijk Wetboek is voorgeschreven.

Deze bepaling is niet toepasselijk op hem die erin heeft toegestemd het kind te zijnen laste te nemen en dienaangaande een verklaring heeft afgelegd bij de gemeenteoverheid van de plaats waar het kind gevonden is.

Over deze mapping en de omzetting van straffen →

Justel-stand
2026-04-02 · officiële tekst op Justel
Inwerkingtreding
1 september 2026
Id
boek2-art-361

Fout gezien in dit artikel? Meld het.

Art. 360Art. 362