Art. 337. Nalaten van onderhoud met de dood tot gevolg niveau 2
Het nalaten van onderhoud dat de dood tot gevolg heeft, wordt bestraft met een straf van niveau 2.
In het Strafwetboek van 1867
Oud art. 426 zeker · 85%De nalatigheidsvariant (nalaten van onderhoud) en de verzwaarde vorm met de dood tot gevolg komen overeen met art. 336 en 337.
§ 1. Met gevangenisstraf van acht dagen tot twee maanden en met geldboete van vijftig euro tot vijfhonderd euro of met een van die straffen alleen, onverminderd, indien daartoe grond bestaat, de toepassing van strengere strafbepalingen, worden gestraft zij die de bewaring hebben van een minderjarige of van een persoon die kwetsbaar was ten gevolge van zijn leeftijd, zwangerschap, een ziekte, dan wel een lichamelijk of geestelijk gebrek of onvolwaardigheid en die niet in staat is om in zijn onderhoud te voorzien, het onderhoud van het kind of van de persoon in dusdanige mate nagelaten hebben dat zijn gezondheid in het gedrang wordt gebracht.
§ 2. Indien de nalatigheid de dood veroorzaakt van de minderjarige of van een in § 1 bedoelde persoon en die niet in staat is in zijn onderhoud te voorzien, wordt de schuldige gestraft met gevangenisstraf van drie maanden tot twee jaar en met geldboete van vijftig euro tot duizend euro.