Art. 246. Bijzondere grond van onschendbaarheid
Vóór de rechtbank gesproken woorden of aan de rechtbank overlegde geschriften, geven geen aanleiding tot strafvervolging wanneer die woorden of die geschriften op de zaak of op de partijen betrekking hebben.
Lasterlijke of beledigende tenlasteleggingen die aan de zaak of aan de partijen vreemd zijn, kunnen aanleiding geven hetzij tot een strafvordering hetzij tot burgerlijke rechtsvordering van de partijen of van derden.
In het Strafwetboek van 1867
Oud art. 452 zeker · 95%De onschendbaarheid van voor de rechtbank gesproken woorden of overgelegde geschriften is vrijwel woordelijk overgenomen in artikel 246.
Vóór de rechtbank gesproken woorden of aan de rechtbank overlegde geschriften, geven geen aanleiding tot strafvervolging wanneer die woorden of die geschriften op de zaak of op de partijen betrekking hebben.
Lasterlijke, beledigende of eerrovende tenlasteleggingen die aan de zaak of aan de partijen vreemd zijn kunnen aanleiding geven hetzij tot een strafvordering hetzij tot burgerlijke rechtvordering van de partijen of van derden.