Strafwetboek 2026
Boek II
Titel 3. Misdrijven tegen de persoonHoofdstuk 3. Misdrijven tegen de seksuele integriteit, het seksueel zelfbeschikkingsrecht en de goede zedenAfdeling 2. Seksuele uitbuiting van minderjarigenOnderafdeling 3. Beelden van seksueel misbruik van minderjarigen

Art. 176. Rechtvaardigingsgrond inzake het consensueel maken, bezitten en onderling delen van seksueel getinte inhoud

Er is geen misdrijf wanneer minderjarigen boven de volle leeftijd van zestien jaar met wederzijdse toestemming zelf seksueel getinte inhoud maken en deze zelf gemaakte seksueel getinte inhoud onderling delen en in bezit houden.

Wederzijdse toestemming is nodig zowel voor het maken, het bezitten en het onderling delen van deze inhoud.

Deze rechtvaardigingsgrond geldt niet indien:

- de seksueel getinte inhoud wordt getoond of verspreid aan een derde;

- een derde de seksueel getinte inhoud tracht te bekomen,

- de dader een bloedverwant of aanverwant is in de rechte opgaande lijn of een bloedverwant of aanverwant in de zijlijn tot de derde graad of ieder ander persoon die een soortgelijke positie heeft in het gezin of onverschillig welke persoon die gewoonlijk of occasioneel met de minderjarige samenwoont en die over die minderjarige gezag heeft, of;

- de daad mogelijk is gemaakt doordat de dader gebruik heeft gemaakt van een erkende positie van vertrouwen, gezag of invloed ten aanzien van de minderjarige.

In het Strafwetboek van 1867

Oud art. 417/49 zeker · 96%
Nagenoeg woordelijk identieke rechtvaardigingsgrond voor het consensueel maken, bezitten en onderling delen van seksueel getinte inhoud tussen minderjarigen boven de zestien jaar ('sexting').

Rechtvaardigingsgrond inzake het consensueel maken, bezitten en onderling delen van seksueel getinte inhoud

Er is geen misdrijf wanneer minderjarigen boven de volle leeftijd van zestien jaar met wederzijdse toestemming zelf seksueel getinte inhoud maken en deze zelf gemaakte seksueel getinte inhoud onderling delen en in bezit houden.

Wederzijdse toestemming is nodig zowel voor het maken, het bezitten en het onderling delen van deze inhoud.

Deze rechtvaardigingsgrond geldt niet indien:

- de seksueel getinte inhoud wordt getoond of verspreid aan een derde;

- een derde de seksueel getinte inhoud tracht te bekomen,

- de dader een bloedverwant of aanverwant is in de rechte opgaande lijn of een adoptant of een bloedverwant of aanverwant in de zijlijn tot de derde graad of ieder ander persoon die een soortgelijke positie heeft in het gezin of onverschillig welke persoon die gewoonlijk of occasioneel met de minderjarige samenwoont en die over die minderjarige gezag heeft, of;

- de daad mogelijk is gemaakt doordat de dader gebruik heeft gemaakt van een erkende positie van vertrouwen, gezag of invloed ten aanzien van de minderjarige.

Over deze mapping en de omzetting van straffen →

Justel-stand
2026-04-02 · officiële tekst op Justel
Inwerkingtreding
1 september 2026
Id
boek2-art-176

Fout gezien in dit artikel? Meld het.

Art. 175Art. 177