Art. 120. Onmenselijke behandeling niveau 3
Onmenselijke behandeling is elke opzettelijke gedraging waarmee ernstig geestelijk of lichamelijk leed wordt toegebracht.
Dit misdrijf wordt bestraft met een straf van niveau 3.
In het Strafwetboek van 1867
Oud art. 417/1 zeker · 85%De drie definities (foltering, onmenselijke behandeling, onterende behandeling) staan niet meer in een apart definitieartikel maar zijn woordelijk verwerkt in de openingszin van elk van de drie afzonderlijke strafbaarstellingsartikelen 112, 120 en 128.
Voor de toepassing van deze afdeling wordt verstaan onder :
1° foltering : elke opzettelijke onmenselijke behandeling die hevige pijn of ernstig en vreselijk lichamelijk of geestelijk lijden veroorzaakt;
2° onmenselijke behandeling : elke behandeling waardoor een persoon opzettelijk ernstig geestelijk of lichamelijk leed wordt toegebracht, onder meer om van hem inlichtingen te verkrijgen of bekentenissen af te dwingen of om hem te straffen, of om druk op hem of op derden uit te oefenen, of hem of derden te intimideren;
3° onterende behandeling : elke behandeling die in de ogen van het slachtoffer of van derden een ernstige krenking of aantasting van de menselijke waardigheid uitmaakt.